Digitaal basisonderwijs (1): Inleiding

Geplaatst op 27 juni 2014.

Sinds maart 2014 ben ik als projectleider/projectbegeleider betrokken bij een project ‘digitaal onderwijs’ met als doel dat over drie jaar 32 basisscholen eigentijds onderwijs aanbieden met behulp van digitale middelen. Vol verwondering bekijk ik de wereld van het onderwijs vanuit de invalshoek van ICT consultant/projectleider en als ouder. In een reeks van blogs wil ik graag de verzamelde informatie delen. Dit is de eerste blog in de serie.

Deel 1: Inleiding in Digitaal Onderwijs.

In 1972 was er een onderwijstentoonstelling waar de nieuwste audiovisuele middelen werden getoond die het onderwijs konden gaan ondersteunen. Men dacht dat als een kind een filmpje kon bekijken dit kon helpen in het leerproces en dat leerlingen zelf filmpjes zouden kunnen gaan maken. Wat is daarvan terecht gekomen? Inmiddels is de personal computer uitgevonden, het internet, Youtube en Facebook. En inderdaad; kinderen kijken filmpjes, maken filmpjes en spelen games met apparatuur die 42 jaar geleden nog niet was uitgevonden. Een kind die nu wordt geboren krijgt dus te maken met apparaten en beroepen die nu nog niet uitgevonden zijn. Stel je de apparaten en beroepen eens voor over die er over 42 jaar (in 2056) zullen zijn. Hoe zou het onderwijs eruit moeten zien als je kinderen zo goed mogelijk wilt voorbereiden op het succesvol functioneren in de maatschappij van overmorgen?

Dit filmpje van stichting Schoolinfo met als titel: “Gepersonaliseerd leren: hoe leert de leerling in 2020?” legt uit wat het verschil is tussen de leerling van nu en de leerling in 2020. Dit klinkt ver weg, maar is al over zes jaar.

Op 28 mei 2014 schreef staatssecretaris Dekker een brief aan de 2e kamer over de inzet van ICT-middelen voor het onderwijs. Hij onderschrijft het belang van een onderwijskundig gedreven aanpak en nodigt scholen uit om initiatief te nemen op het gebied van digitale ondersteuning van het onderwijs. De brief van de staatssecretaris is te vinden via de volgende link Link naar de brief van staatssecretaris Dekker.

In de documentaire “Een school voor mijn dochter” wordt Maurice de Hond gevolgd in de zoektocht naar een geschikte basisschool voor zijn dochter. Gedurende een jaar is hij gefilmd op zijn rondreis door Nederland om zijn ideeën voor te leggen en te bespreken. In korte tijd weet hij een nieuw schooltype in de steigers te zetten.

Op 3 maart 2014 bezocht ik de Compagnonsschool in De Knipe en sprak met de directeur. De Compagnonsschool was één van de eerste scholen die gebruik ging maken van de digitale leerlijn Math van EXOVA (wat staat voor Excellent Onderwijs voor Allen). EXOVA omvat rekenonderwijs (Math), taalonderwijs (code 26) en wereldoriëntatie (T-world). Deze verschillende digitale leerlijnen worden op de scholen meestal na elkaar ingevoerd, te beginnen met Math voor het rekenonderwijs. Op de Compagnonsschool hebben alle kinderen in groep 3 t/m 8 een iPad. De school heeft inmiddels 1,5 jaar ervaring met digitaal onderwijs. Volg deze link voor een filmpje van de Compagnonsschool

In de volgende Blogs: Waarom zou je ‘digitaal onderwijs’ willen geven? Wat zijn de voor -en nadelen van het prominente gebruik van digitale middelen (vaak iPads) in de school, zijn er ook valkuilen? Welke concrete resultaten zijn er inmiddels geboekt met dit wondermiddel? Wat betekend het voor de leerkrachten? En zitten de kinderen dan niet de hele dag achter de iPad? En dan het dilemma: Blijft de apparatuur op school, of nemen de kinderen de iPad mee naar huis en wie betaald die iPad?

van Druten computer vult leraar aan

Geplaatst op 27 juni 2014. Categorie(ën): Digitaal onderwijs